Koester het stadsgezicht

Het beschermd stadsgezicht in Alkmaar bestaat vooral uit naast elkaar gelegen panden met verschillende hoogten, kapvormen en gevelbreedte, inclusief de bijbehorende stegen. Het is beeldbepalend voor de binnenstad. Maar in de bestemmingsplannen zijn alleen de beeldbepalende panden en monumenten ‘strak’ bestemd.

Dat betekent dat daar alleen het bestaande bouwvolume is toegestaan. Het doel hiervan is het behoud van de parcellering, bouwhoogte en het straatbeeld.

Honderden panden hebben die beschermde status echter niet. Bij deze panden wordt in de nieuwste bestemmingsplannen voor de binnenstad een hogere bouwhoogte toegestaan. Voor hele straatwanden kan meters hoger worden gebouwd dan de huidige situatie. Dat kan dus een plek zijn pal naast monumenten en beeldbepalende panden, of op plekken in de binnenstad waar oude panden zijn afgebrand.

Financieel voordeel funest voor straatbeeld
Op plekken waar herbestemming de levensduur van bestaande panden kan verlengen, kan juist door sloop en nieuwbouw de waarde van het vastgoed flink stijgen. Een recent voorbeeld hiervan is schoenenzaak Mulder aan de Laat. Ook de afgebrande panden van Spaander aan de Langestraat maken plaats voor veel hogere bebouwing.

De kans bestaat dat eigenaren van onbeschermde panden de grenzen van het bestemmingsplan gaan opzoeken. Dat levert de eigenaar grote financiële voordelen op, maar is funest voor het straatbeeld.

Ons standpunt is dat we de bestaande situatie zo weinig mogelijk willen aantasten. Een meerderheid van de gemeenteraad staat daar achter. Een eerste stap naar betere omgevingsplannen (de nieuwe naam voor bestemmingsplannen) zou zijn als deze opvatting wordt vastgelegd in de Omgevingsvisie van de gemeente Alkmaar. Dat kan de toekomst van het lokale erfgoed waarborgen.

In april 2017 presenteerde het College van B&W een concept-Omgevingsvisie 2040 voor de hele gemeente. Volgens het college is de uitdaging bij nieuwe ontwikkelingen “om cultuurhistorische waarden niet meer te zien als een struikelblok maar juist als een opstapje naar een beter plan. Door de tastbare resten van ons verleden is het erfgoed een inspiratiebron voor de toekomst. Op basis van een cultuurhistorische inventarisatie en onderzoek, zal in de aanloop naar nieuwe omgevingsplannen bekeken worden welke cultuurhistorische waarden aanvullende bescherming nodig hebben. Voor de historische binnenstad geldt dat de nieuwe ontwikkelingen afgestemd moet zijn op de maat en schaal van de bestaande gebouwen in de binnenstad.

Dit is een heel goed begin. Het laat nog wat in het midden wat wordt bedoeld met ‘de maat en schaal van de bestaande gebouwen’: is dat de Grote Kerk, de nieuwbouw van Ronald Nordemann aan de Langestraat, de nieuwbouw van Mulder?

In onze inspraakreactie van juli 2017 hebben wij gepleit voor een formulering waarin de gemeente zich iets duidelijker uitspreekt.